Een man is in december door de Brusselse correctionele rechtbank veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaar met uitstel omdat hij in juni 2022 een vrouw en haar homoseksuele vrienden had aangevallen in Brussel. Volgens het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen en Unia gaat om de eerste strafrechtelijke veroordeling van seksistisch en homofoob geweld.

© Photonews
| Politie in het Justitiepaleis. (Illustratiebeeld)
Man krijgt eerste strafrechtelijke veroordeling voor seksistisch en homofoob geweld
Op 18 juni 2022, kort na middernacht, viel de man in de Lombardstraat een gezelschap van vijf personen lastig, van wie er twee als dragqueens gekleed waren.
Hij slingerde hen homofobe beledigingen naar het hoofd en toen een van de vrouwen in het gezelschap daarop tussenkwam, werd zij uitgescholden voor "vuile hoer", en sloeg de aanvaller haar zo hard dat ze het bewustzijn verloor.
Net een jaar later, in juni 2023, kreeg dezelfde man het aan de stok met twee werkneemsters van een zonnebanksalon. Hij probeerde hen eerst te versieren, waarop zij het gesprek beëindigden. Toen er even later een probleem bleek met zijn cabine, schold hij de vrouwen uit en diende hen verschillende vuistslagen toe, alvorens er vandoor te gaan met de gsm van een van de slachtoffers.
De man ontkende de feiten en legde de schuld bij de slachtoffers, maar werd door de rechtbank schuldig verklaard aan beide feiten en veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaar met probatie-uitstel. Dat blijkt ook uit het vonnis dat de negentigste kamer van de rechtbank heeft uitgesproken.
Eerste veroordeling voor homofobie
Volgens het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen en Unia gaat het om de eerste strafrechtelijke veroordeling van seksistisch en homofoob geweld. Over de feiten op 18 juni 2022 oordeelde de rechtbank immers dat de belediging "vuile hoer" seksistisch was.
"De rechtbank benadrukte dat deze uitspraak de minachting van de beklaagde uitdrukt voor een persoon die hij als minderwaardig beschouwt vanwege haar geslacht", zeggen Unia en het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. "Deze rechterlijke beslissing helpt om de toepassing van de seksismewet uit 2014 in de openbare ruimte, die nog steeds weinig wordt gebruikt in rechtspraak, te verduidelijken."
Daarnaast was de rechtbank van oordeel dat het motief van de slagen en verwondingen discriminatie op basis van genderexpressie en seksuele oriëntatie was. "Deze erkenning onderstreept de intersectionele dimensie van deze zaak en weerspiegelt de complexiteit van discriminatie die wordt ervaren door mensen die op meerdere manieren kwetsbaar zijn", klinkt het bij beide instellingen.
"Het was op basis van hun uiterlijk en genderexpressie dat de dader de slachtoffers als homoseksueel beschouwde, zonder dat dit verband noodzakelijkerwijs reëel was."
Belang van symbolen
"Deze veroordeling versterkt de Belgische rechtspraak voor de thema's die centraal staan in de missie van het Instituut en Unia: seksisme, gendergelijkheid en de strijd tegen discriminaties gelinkt aan gender en aan seksuele oriëntatie", zegt Liesbet Stevens, adjunct-directeur van het Instituut.
"Deze zaak is een pijnlijk voorbeeld van waartoe seksistische en homofobe retoriek kan leiden. Deze uitspraak is dan ook zeker relevant voor andere zaken. Het pleit in essentie voor meer respect voor alle vormen van diversiteit."
"De rechtbank benadrukte dat het onaanvaardbaar is dat mensen zich onveilig voelen in de openbare ruimte vanwege hun geslacht, hun seksuele oriëntatie of genderexpressie", klinkt het dan weer bij Els Keytsman, directeur van Unia.
"Naast het juridische luik, gaat het hier ook om het belang van symbolen. Het werpt opnieuw licht op de te vaak voorkomende aanvallen op LGBTQIA+-personen en op vrouwen. Daarnaast illustreert het ook de goede samenwerking tussen het Instituut en Unia in deze complexe dossiers."